Bali geeft me energie. Ik heb geen last van allergie, geen last van migraine (ondanks menstruatie), minder behoefte om me terug te trekken. Ik merk dat ik wil beleven, ervaren, proeven, observeren.
Ondertussen raast het verkeer voorbij, of nouja, de scooters razen, de auto’s rijden stapvoets en de voetgangers strompelen over de smalle stoepen vol gaten. Ik ga moeiteloos mee in de stroom.
Dit is mijn tweede bezoek aan Bali en het eerste dat me (opnieuw) treft is de geur. Een mengeling van verschillende bomen en planten, waaronder de lieftallige frangipani bloem, etensgeuren met kruiden zoals citroengras, de wierook die veelvuldig wordt gebrand tijdens de dagelijkse offerceremonies, het rook van de kretek sigaret, dieseluitstoot van de scooters en de mottenballengeur uit winkels. Dat alles in de tropische lucht waar ik zo van hou. Ook mijn haar wordt er blij van en zit als vanzelf mooi in de krul, iets dat ik in Nederland niet voor elkaar krijg.
We zijn op reis met mijn schoonfamilie, in totaal 11 personen en ook dat aspect van de reis ervaar ik met een moeiteloosheid. Ik merk dat ik er voor de ander kan zijn, maar liefs 18 volle dagen, zonder mezelf te verliezen, met een bepaald gevoel van vrijheid. Ik kan vooral de dankbaarheid voelen om hier te kunnen zijn met ons gezin en met onze kinderen deze ervaring te mogen delen.
Het voelt of de cirkel rond is. Waar ik eerder vooral meeging in de stroom m.b.t. famille omdat het nou eenmaal zo hoort, ben ik in een fase gekomen waar ik wilde breken met vanzelfsprekende tradities die me niet meer pasten, we wilden verjaardagen, kerst etc. op een andere manier gaan invullen, we hebben letterlijk en figuurlijk afstand genomen omdat we niet meer dezelfde taal leken te spreken, en nu kan ik vanuit zachtheid en dankbaarheid nabijheid geven aan de ander.
Een hoogtepunt tijdens deze reis is toch wel het raften. Alleen al de wandeling door de jungle naar de rivier is fantastisch. Ik vind het van te voren best spannend, maar eenmaal in de boot voel ik vooral plezier.
Na 7 dagen Ubud reizen we verder naar het Noorden, Pemuteran, waar we een paradijselijk onderkomen hebben pal aan het strand. Deze plek voelt als thuiskomen en maakt dat ik me nog meer ontspan en verbonden voel met het eiland. De buitendouche, de gekko’s, de onderwaterwereld via de snorkel, de stilte ’s avonds, de natuur, de warmte…Lola zegt tijdens de reis met de auto door de vulkaan, ‘ze hebben hier zo weinig en toch alles’.
Als we na een aantal dagen weer teruggaan naar Ubud voel ik me emotioneel. Ik ervaar even de verdeeldheid in mezelf. Een deel van mij hoort in dit land. Op deze plek kan ik dat zo ervaren. Een ander deel van mij hoort in Nederland. Waar ben ik volledig thuis?
Het moment is maar kort, het antwoord komt al snel. Thuis zijn zit in mezelf. Allebei de delen maken de persoon die ik ben, het hoeft niet het één of het ander te zijn.
Weer in Ubud leef ik toe naar de afspraak die ik heb staan met Antoinette, een goede vriendin van mijn vader. Zij geeft ons een rondleiding door 1 van de scholen, mogelijk gemaakt door de Wins foundation, waar mijn vader voorzitter is vanuit WINS Nederland. Stichting WINS helpt kansarme kinderen in Indonesië door hen de kans te geven educatie te volgen. Ook is de plek waar wij heen gaan een opvangplek voor kinderen met ‘special needs’, zoals kinderen met syndroom van Down.
Van te voren voel ik dat dit een bijzondere ontmoeting wordt. Mijn handen tintelen als een gek en ik voel me sterk verbonden met mijn vader en mijn oma. Een krachtig gevoel bekruipt me, hier ligt een stukje zielsmissie.
Het wordt een geweldige dag, het contact met de ‘special needs’ kinderen voelt zo dankbaar. Vooral het masseren na de yoga les en de gesprekjes tussendoor. Eén jongen in een rolstoel spreekt volzinnen Nederlands, dat heeft hij geleerd van een vrijwilliger, ik sta versteld.
We lunchen in het cafe (soort brownies en downies) waar Antoinette vertelt over de jongeren die er werken en hoe ze hier terecht gekomen zijn. Zo mooi, dit lunch cafe geeft ze een plek in de maatschappij, een salaris waar ze trots mee thuiskomen, respect van hun familie, omdat ze zelf geld verdienen, leren koken en bedienen, in hun kracht staan. Dit alles met biologische producten uit eigen kruidentuin en gekookt op gas van de stront van hun eigen koe!!
S’middags komen de kinderen uit school hier naartoe als een soort naschoolse opvang. Abel mag een basketbal les geven aan de jongens en Jolie gaat zingen met de meisjes. Ik voel me zo trots op ze dat ze dat durven en ik zie dat ze er zelf ook van genieten. De kinderen zijn zo dankbaar en lief, mijn hart smelt!
Bali dankt haar zachte liefdevolle energie aan het Hindoeïsme. Zo bijzonder om te zien hoe de ceremonies verweven zitten in hun dagelijkse leven. Hoe ze, mooi gekleed in het wit, eropuit gaan om offertjes te brengen aan de goden. Ondanks dat er vanuit de rest van Indonesië druk wordt uitgeoefend, vanuit de Islam, om ook dit paradijsje te bekeren tot Islam, houdt de Balinees vast aan zijn tradities, rituelen en geloof en daarmee haar schoonheid.
Op internet zie ik post voorbij komen m.b.t. Bali. Je zou er absoluut niet heen moeten gaan, want het is er extreem druk, touristisch en chaotisch. Ga er vooral ook niet heen als je een idyllisch plaatje wilt, een blue lagoon. De schoonheid zit hem in de mensen zelf, de vriendelijkheid, de aandacht waarmee men iets doet. Offeren, eten bereiden en serveren, bedden opmaken, dansen.
Iets is nooit het één of het ander. Ook de Balinees kent boosheid en woede. Hij zal hem alleen niet snel laten zien en dat conflictmijdende gedrag geeft ook frustratie en gedoe. Waar mijn Westerse kant houdt van plannen en analyseren en efficiëntie, kan mijn Oosterse kant goed intuïtief voelen en schoonheid zien in simpele dingen.
Ik heb nog helderder voor mezelf waar mijn moeite met boosheid vandaan komt. Moeite om dingen eerlijk te benoemen. De lieve vrede willen behouden. Tegelijkertijd is dat laatste mijn kracht geweest. Balans vinden in mijn Westerse kwaliteiten en gebreken en mijn Oosterse kwaliteiten en gebreken, ergens in het midden ontmoeten ziel en lichaam elkaar.


