Toxische Vrouwelijkheid
” Je hoofd niet boven het maaiveld uitsteken”
” Doe maar gewoon, dan doe je al gek genoeg.”
Vrouwelijkheid kan op meerdere manieren toxisch zijn:
Teveel bemoederen: als bijvoorbeeld een moeder een kind te veel en te lang verzorgd, terwijl het al lang zo ver is om het zelf(standig) te doen. Te veel zorgen dus.
Teveel verwennen: te veel speelgoed, te veel lekker eten dat minder gezond kan zijn dan gebalanceerde voeding.
Vrouwelijke energie kan ook toxisch zijn op het maatschappelijk niveau. Bijvoorbeeld als in een verzorgingsstaat de overheid te veel gaat zorgen voor mensen, in plaats dat iemand zelf gaat ondernemen. Als een overheid voor jou dingen gaat regelen en bepalen. Dat is ook een vorm van toxische vrouwelijkheid.
Het kunnen in dat geval, maar ook in het eerste voorbeeld net zo goed mannen zijn als vrouwen die dit veroorzaken.
Borstvoeding
naar
Flessenvoeding
De wijdverbreide invoering van flesvoeding verving niet alleen een voedingsbron; het reorganiseerde de vroege menselijke relaties rondom abstractie, efficiëntie en controle – met meetbare effecten op hechting, regulatie van het zenuwstelsel en weerstand tegen immuniteit. (CHATGPT)
Borstvoeding ondersteunt de weerstand op een manier die kunstvoeding niet kan repliceren.
Borstvoeding geeft het kind:
-
Antistoffen (IgA) die beschermen tegen ziekten
-
Levende immuuncellen die helpen bij het bestrijden van infecties
-
Ontstekingsremmende stoffen die het lichaam kalmeren
-
Invloed op de darmflora zodat de microbiome zich gezond ontwikkelt
-
Adaptieve bescherming die meebeweegt met de ziekten of infecties die het kind tegenkomt
Flesvoeding / kunstvoeding:
-
Geeft calorieën en voedingsstoffen
-
Geeft geen immuun-signalen
-
Past zich niet dynamisch aan aan de behoeften of ziektes van het kind
Wat we hebben waargenomen op bevolkingsniveau (niet deterministisch, dus niet elke baby wordt zo):
-
Hogere kans op infecties in de eerste levensmaanden
-
Verschillen in de samenstelling van de darmflora
-
Iets hogere kans op astma, allergieën en stofwisselingsproblemen
Wanneer een kind flesvoeding krijgt in plaats van borstvoeding, gaat het vaak om meer dan alleen voeding. Er verdwijnt een belangrijk fysiek en emotioneel contact tussen moeder en kind, dat normaal tijdens het borstproces gebeurt:
-
Huid-op-huid contact: de baby voelt warmte en voelt de hartslag van de moeder, wat rust en veiligheid geeft.
-
Oraal contact en zuigen: dit helpt het zenuwstelsel van de baby te kalmeren en zorgt voor een gevoel van geborgenheid.
-
Geur en smaak: de baby herkent de moeder en voelt zich emotioneel verbonden.
-
Hormonen en microben: door borstvoeding krijgt de baby afweerstoffen en stressregulerende hormonen mee.
-
Frequentie en nabijheid: het kind krijgt voortdurend bevestiging en co-regulatie van emoties en lichaam, wat helpt bij emotionele ontwikkeling.
Kortom: borstvoeding is niet alleen voedsel; het is een biologisch en relationeel proces dat bijdraagt aan hechting, veiligheid en een gezonde ontwikkeling. Als dat grotendeels wegvalt, zoals bij flesvoeding zonder intensief contact, kan dat leiden tot afstandelijkheid en minder co-regulatie tussen moeder en kind.